Vier kranen met vernieuwende technologie werden in 1931 opgesteld aan de zuidkaaien van de Verbindingsgeul. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden verschillende kranen opgeëist en weggevoerd door de bezetter. Na de oorlog werd deze kraan gevonden in het Duitse Lübeck en terug naar Antwerpen gebracht.
The XIIth North Sea History Conference in 2017 seeks to involve maritime museum professionals and academic scholars, to generate knowledge and present new findings about the maritime culture of the North Sea region.
Met deze kranen in gelaste kokerconstructie haalde de haven van Antwerpen de nieuwste naoorlogse technologie binnen. Dit ranke ontwerp was lichter, sneller en zuiniger dan de traditionele kraantypes van 3 ton. De HA-kranen vervingen de oude waterperskranen op de Rijnkaai.
De waarde van de schilderingenreeks schuilt onder meer in hun zeldzame iconografie. Er zijn maar weinig kusōzu, prentenseries die de ontbinding van het menselijk lichaam in negen stadia in beeld brengen, behouden.
Meer dan 300 “waterkraantjes” heeft de stad doorheen de jaren aangekocht. Er kwam geen elektriciteit aan te pas: deze kranen werden gevoed door een ondergronds netwerk van perswater. Hoewel ze niet meer dan 2 ton konden hijsen bleven deze kranen tot 1974 in gebruik.
Tientallen jaren lang draaiden de Antwerpse haveninstallaties op perswater. Grote pershuizen met stoommachines voorzagen de waterdruk. Van dit type stonden er twintig kranen langs de Scheldekaai. Ze waren ontworpen om grote stoomschepen te lossen. Hun uitzicht leverde de bijnaam “kemel” op.
De IA-kranen hebben een dubbele giek, om ervoor te zorgen dat de last tijdens de topbeweging op dezelfde hoogte blijft. Deze mastodonten stonden niet meer op het standaard 5-meterspoor. Een breder spoor was nodig om deze geweldig zware kranen voldoende stabiliteit te geven.